Proef met takkenril voor zuidelijke kwelderrand: beschermen én dynamiek toelaten

Hoe kun je de zuidelijke kwelderrand van de Boschplaat beschermen, zonder de natuurlijke dynamiek teveel te verliezen? Om het antwoord op die vraag te krijgen, wordt ter hoogte van de vierde eendenkooi een takkenril aangelegd. De komende tijd onderzoeken we de effecten van de takkenril.

De situatie

Aan de zuidkant van de Boschplaat ligt een groot buitendijks gebied: de Grië. Als schakel tussen land en zee is het gebied belangrijk voor tal van plant- en diersoorten. Voor eilanders is de Grië minstens zo belangrijk. Al eeuwenlang gebruiken zij dit buitendijkse cultuurlandschap met zijn elzensingels om hun vee te weiden. Op de Grië bevinden zich bovendien vier historische eendenkooien. Het is, kortom, een gebied om te koesteren. Maar de Waddenzee oefent een sterke invloed uit op het gebied: door de kracht van het water kalven de kwelderranden af.

De Boschplaat op Terschelling is één van de grootste aaneengesloten natuurreservaten van Nederland.

Om de Grië te beschermen, werd een aantal decennia geleden een stortstenen dam aangelegd. Die beschermt een groot deel van de kwelder tegen afkalving. Maar hoe prettig die bescherming is, zo’n harde scheidslijn in het landschap kent ook nadelen. De stortstenen dam kaatst golven als het ware terug, waardoor vóór de dam nog maar weinig slib bezinkt. Omdat dit achter de dam wel gebeurt – water en slib kunnen tussen de stortstenen door – ontstaat een groot hoogteverschil tussen het gebied voor en achter de dam. Bovendien verandert de dam de stroming van het water en vormt die een onneembare hindernis voor het waterleven.

Eendenkooi beschermen

De stortstenen dam eindigt ter hoogte van de vierde eendenkooi of Rimkeskooi, daar waar de Grië overgaat in de Groede. Op dit deel van de kwelderrand had de Waddenzee dus nog altijd vrij spel. “We merkten dat de kwelderrand snel afsloeg”, zegt Sandra Knop, boswachter beheer bij Staatsbosbeheer op Terschelling. “We hebben het dijkje dat de eendenkooi tegen de zee beschermt, al eens versterkt met klei. Maar dat bleek geen duurzame oplossing. Het water neemt als het ware kleine hapjes uit de dijk, waardoor die dus snel achteruit gaat.”

Met het verslechteren van de kwelderrand kwam de eendenkooi in gevaar. En dat was slecht nieuws, legt Sandra uit. “De Rimkeskooi heeft een grote cultuurhistorische waarde voor Terschelling. Tegenwoordig wordt er onderzoek gedaan naar wilde eenden en zoönosen – dierenziekten die op mensen kunnen worden overgedragen – waarmee de kooi ook een wetenschappelijke waarde heeft. Als we niets doen, verdwijnt deze plek uiteindelijk in zee. Dat zou ontzettend zonde zijn.”

Natuurlijkere oplossing: een takkenril

Daarmee ontstond een dilemma. Want hoe bescherm je de waardevolle Grië en Rimkeskooi, zonder de natuurlijke processen in het gebied teveel aan banden te leggen? En hoe zorg je ervoor dat de natuurlijke overgang van duinen en kwelder naar het wad niet teveel verstoord wordt? “Het verlengen van de stortstenen dam was geen optie. Daarom gingen we op zoek naar een natuurlijkere oplossing”, zegt Dolf Visser. Dolf is projectleider Natura 2000 op de Waddeneilanden bij de provincie Fryslân en lid van het programmateam Boschplaat. De provincie Fryslân is de trekker van de programmalijn ‘Kwelderrand Waddenzee’ uit de Boschplaatvisie.

Die natuurlijkere oplossing werd gevonden in de vorm van een takkenril in het verlengde van de stortstenen dam. De takkenril wordt opgebouwd uit twee rijen met palen, met daartussen takken die afkomstig zijn van snoeiwerkzaamheden op het eiland. Het idee: de takkenril breekt de golven, zodat die in kracht afnemen voor ze de kwelderrand bereiken, maar is minder hard en breed dan een stenen dam. Ook laten takken het water beter door dan stenen. Op Terschelling werd nog niet eerder een takkenril gebruikt om de oever te beschermen. Daarom wordt eerst een proefopstelling geplaatst: “We maken de takkenril zo’n honderd tot honderdvijftig meter lang; tot net voorbij de eendenkooi. Zo is de eendenkooi beschermd en kunnen we tegelijkertijd onderzoek doen naar de werking van de takkenril.”

Het snoeihout dat gebruikt wordt voor de takkenril.

Van aanleg tot monitoring

De takkenril wordt op dit moment aangelegd. Om de natuur zo min mogelijk te verstoren, wordt voor de aanvoer van materialen gebruik gemaakt van het beheerpad dat naar de eendenkooi loopt. Ook wordt alleen bij laagwater gewerkt. Sandra legt uit waarom: “De kwelder is een hoogwatervluchtplaats. Dat betekent dat vogels er bij hoogwater naartoe komen om te rusten. Op die momenten wordt er dus niet gewerkt. Bij laagwater trekken de vogels weerhet Wad op en kunnen wij het werk op de kwelder hervatten.”

Na de aanleg begint de monitoring. Biedt de takkenril inderdaad voldoende bescherming aan de kwelderrand? Hoeveel slib wordt er afgezet op de kwelder achter de ril? En hoe goed houdt de takkenril zich in het zoute water?“Allemaal vragen waarop we de komende tijd het antwoord hopen te krijgen”, zegt Dolf. Hij vertelt dat de hoogte van de kwelder zal worden onderzocht met GPS-meetpunten. Met behulp van een drone wordt de staat van de kwelderrand en takkenril bijgehouden.

“Ik ben blij dat we samen met de provincie tot deze oplossing zijn gekomen”, laat Sandra weten. De boswachter is nieuwsgierig naar de werking van de takkenril. “We hopen natuurlijk dat de takkenril bescherming biedt, maar toch dynamiek toelaat. Of dat in de praktijk ook zo is, gaan we de komende tijd ontdekken.”